Wat we samen doen, doen we beter

Is er hier iemand die durft zeggen dat hij of zij nog nooit eens een kijkje heeft genomen op wikipedia? Ik kijk er alvast regelmatig op. Wikipedia is een van de gemakkelijkste manieren om snel nuttige informatie te verkrijgen. Natuurlijk is het ook algemeen geweten dat je deze informatie met een korreltje zout moet nemen, want het is niet de meest betrouwbare website. Toch is het een groot succes!

Wikipedia

Wikinews

Een wiki is een webpagina waaraan een gebruiker kan bijdragen door pagina’s toe te voegen of door pagina’s aan te vullen of te wijzigen. Iedereen kan de tekst bewerken. Als er fouten gemaakt zouden worden is het nog steeds mogelijk om de vorige versies te bekijken. Elke versie is dus terug oproepbaar om een vergelijking te maken. Het doel van Wiki’s is om informatie te verzamelen en uiteindelijk een gezamenlijke kennis op te bouwen.

Wiki is meer dan het bekende wikipedia. Waarschijnlijk zijn jullie ook al eens terechtgekomen op wictionary, een online woordenboek. Maar hebben jullie al ooit gehoord van wikivoyages, wikiversity, wikiquote of wikitorial? Of belangrijker nog, wikinews? Hoewel het blijkbaar al sinds 2004 bestaat is dat echt iets nieuws voor mij! In wikinews draait het eveneens om de samenwerking van iedereen, zogenaamd “collaborative reporting”. Door gezamenlijk alle standpunten weer te geven komen ze tot één neutraal standpunt.

Een groot voordeel van wikinews is “crowdsourcing“. Volgens Jeff Howe is dit, outsourcing to the crowd, een recente ontwikkeling waarin organisaties (overheid, bedrijven, instituten) of personen gebruikmaken van een grote groep niet vooraf gespecificeerde individuen (professionals, vrijwilligers, geïnteresseerden) voor consultancy, innovatie, beleidsvorming en onderzoek. Nederlander Henk van Ess (2011) had dan weer een andere, eenvoudigere verklaring voor dit begrip. Hij ziet het als het bundelen van kennis van bereidwillige experts die gratis een probleem willen oplossen en dit ook voor niets willen delen met anderen.

Goed zo, wiki

Wat is er positief aan de wiki’s? Wel, iedereen kan een bijdrage leveren, zonder dat daar een technische bagage voor nodig is. Ook bevindt er zich steeds de meest recente informatie. Door de empowered users is de pagina steeds up to date. De informatie is bovendien gratis, wat zorgt voor een enorme populariteit, zelfs in de bedrijfswereld. Wiki’s zijn ten slotte ook ideaal voor samenwerking. Ze kunnen gebruikt worden als kladblok bij een groepswerk, als syllabus, als projectontwikkeling of presentatiemiddel, waarbij er eveneens mogelijkheid is tot reactie. Kortom, een systeem vol voordelen! Jammer genoeg gelden hierbij ook enkele nadelen. Door de open structuur waarbij iedereen alles kan aanpassen is er weinig controle (soft security) over de correctheid van de informatie. Soms zijn er ook vandalen die mensen of dingen schade toekennen door opzettelijk verkeerde informatie te publiceren. Een gevolg dat hieruit ontstaat is chaos op de pagina’s. Bij deze zijn jullie dus gewaarschuwd…

Zelfs journalisten gebruiken wikipedia

Uit onderzoek blijkt dat in de jaren 2010 en 2011 maar liefst 90% van de Vlaamse journalisten wikipedia gebruikt. Een kleine helft daarvan zelfs dagelijks. Toch wordt wikipedia nooit of zelden vermeld als bron. Een Amerikaans onderzoek ontdekte dat slechts 10% van de journalisten dat wel doet (Messnet & South, 2007). Wikipedia wordt volgens hen vooral gebruikt als achtergrondinformatie.

Bronnen:

Bloed, zweet en tranen op de redactie

crisis

Het is crisis in de media. Papieren kranten zijn met uitsterven bedreigd, magazines hebben het moeilijk en steeds meer jobs verdwijnen. Wat kan de media nog redden in deze donkere tijden? Digitale media misschien? Want deze verenigen alle voorgaande technologieën en hun functies in één medium zoals televisie kijken, radio luisteren, nieuws opzoeken, telefoneren en entertainen (Musschoot, Lombaerts, 2010, blz. 113). Wie zou er wel niet het nieuws volgen!

Vlaming houdt nog van de krant

Nieuws past zich aan aan ons ritme, niet omgekeerd. Wij willen alles sneller en compacter (Radwanick & Aquino, 2011). Tegenwoordig lezen, kijken en luisteren we naar wat we willen, waar we willen en wanneer we maar willen. Met de smartphone en tablet, die we bijna altijd op zak hebben, is dat allemaal mogelijk.

Hoewel de papieren krant steeds minder populair wordt, bereiken kranten dagelijks zes op de tien Vlamingen. Nochtans doen ook wij mee aan de internationale dalende tendens, want het aantal lezers in Vlaanderen zakte de afgelopen tien jaar met zeven procent. Slechts zeven procent, want in Wallonië is dat al maar liefst 30 procent. Ook de internationale markt doet het veel slechter dan wij. De Vlaamse kranten houden stand terwijl de Britse kranten in de slechtste papieren zitten. De abonnementen doen het daarentegen goed bij ons met 600.000 abonnees op de Vlaamse kranten. Maar ondanks al dit goede nieuws staan de winstmarges toch zwaar onder druk.

Kan tablet de krant redden?

Bij de lancering van de iPad in 2010 vertelde Rupert Murdoch (oprichter van News Corporation) dat de tablet wel eens de redding van de krant zou kunnen betekenen. De verkoop van digitale kranten stijgt jaarlijks, vooral 2011 was een topjaar waarbij de verkoop meer dan verdubbelde.

verk

Ook de tabletabonnementen stijgen sterk, maar blijven over het algemeen nog bescheiden met 39.000 lezers in België. De Vlaamse kranten De Tijd en De Standaard hebben hierin een ruime voorsprong of de andere Vlaamse kranten (De Souter, 2012).

abon

Ondanks al deze cijfers blijkt nu, vier jaar na die lancering, dat Murdoch niet helemaal gelijk heeft gekregen. Ja, de tabletkrant was een succes, maar toch niet zo groot als verwacht.

Te veel is te veel

Maar wat is dan het probleem? Wel, het grote probleem is dat het aanbod van websites en nieuwsapps veel te groot is. Zelf heb ik er bijvoorbeeld zes op mijn iPhone. Natuurlijk kan ik deze niet allemaal even vaak gebruiken. Ook moet ik toegeven dat de tijd die ik besteed aan deze apps niet zo ongelofelijk veel is en ik enkel de gratis artikels lees.

Als ik iets positiefs mag zeggen over deze nieuwsapps, is dat ik wel erg hou van de pushberichten. Bij een opvallende gebeurtenis, zoals de dood van Luc De Vos deze week bijvoorbeeld, sturen de kranten je een bericht waardoor je sneller dan ooit op de hoogte bent van het allerlaatste nieuws en dat is toch fantastisch!

nytimes-boston-bombing-phone-display-full

Bestaat er een oplossing om de Vlaamse kranten uit de nood te helpen? Ja, er bestaan er verschillende. Ten eerste is kostenbeheersing al een belangrijke stap. Ook een betaalmuur waarbij mensen moeten betalen voor online artikels kan helpen. Christian van Thillo, CEO van De Persgroep, stelt ten slotte voor om de Belgische en Europese wetgeving voor het internet aan te passen zodat alle websites dezelfde wet moeten volgen en er sprake is van eerlijke concurrentie.

Denken jullie dat er nog andere oplossingen bestaan om de krant te redden? Laat maar horen!

Bronnen:

  • De Souter, F. (2012). De Toekomst van Vlaamse kranten in het digitale tijdperk (masterproef). Geraadpleegd via http://www.vlaamseregulatormedia.be/media/20384/femke%20de%20souter%20-%20eindwerk.pdf
  • Musschoot, I. & Lombaerts, B. (2012). Media in beweging. Tielt: Uitgeverij Lannoo.
  • Radwanick, S. & Aquino, C. (2011). How tablets, smartphones and connected devices are changing U.S. digital media consumption habits. Comscore.

Actie reactie

De tijden waarin we het internet enkel gebruikten om te lezen zijn voorbij. Internet is dynamischer dan ooit. Het eenrichtingsverkeer is getransformeerd tot tweerichtingsverkeer. We zijn niet langer passief, maar actief. Denk maar aan Twitter en Facebook, waarbij het eenvoudiger dan ooit en daardoor zelfs logisch geworden is om te reageren op alles wat we lezen. Ook blogs worden steeds populairder.

She Said blog

Bloggers, wie zijn ze, wat doen ze?

Een blog is eerst een vooral persoonlijk, maar roept eveneens op tot reactie en conversatie. 90% van alle blogs zijn persoonlijk, de 10 overige procent zijn groepsblogs. Waar ik een beetje van schrok is dat er meer mannelijke bloggers (60%) zijn dan vrouwen. Mannen zijn wel eerder extern gericht, terwijl vrouwen een blog meer zien als een soort dagboek (Gil de Zúñinga, 2011).

Er bestaan ook verschillende soorten blogs. Mijn persoonlijke favorieten zijn blogs over travel, waar ik veel ideeën uithaal (vooral in mijn dromen dan) en blogs over food. Ik hou enorm van lekker eten en ontdek soms al eens heerlijke “topgerechjes” online.

*** Mijn top 3 ***

  1. http://theegotripper.com/
  2. http://travel.bart.la/
  3. http://princessmisia.com/blog/

Blogging vs journalistiek

Doordat de waarden van de journalistiek (neutraliteit, objectiviteit, onpartijdigheid en feitelijkheid) haaks staan op die van blogging (persoonlijke stijl, informeel, stimuleren van discussie), ontstaat er een spanningsveld tussen deze twee vormen (Singer, 2005). Gaan ze bloggen binnen de context van de traditionele journalistieke uitgangspunten of is er
sprake van gebruik van de specifieke eigenschappen van blogs en de toegevoegde
waarden die deze kunnen hebben voor de journalistiek (Gunter, Cambell, Touri & Gibson,
2009)?

Onderzoekers Hermans en Pleijter vroegen tijdens hun onderzoek naar de toegevoegde waarde van bloggen bij journalisten. Uit de resultaten blijkt dat blogs vooral gebruikt worden als een alternatief nieuwsmedium, kortom een extra nieuwskanaal. Dat ze veel persoonlijker kunnen schrijven en onbeperkte ruimte krijgen zien ze als grote voordelen. Ten slotte willen de journalisten meer contact met het publiek en dat is wat gemakkelijker via een blog (Hermans & Pleijter, 2010).

Zijn bloggers journalisten?

Ja en nee. Een journalist kan een blogger zijn, dat heb ik hierboven al verklaard, maar omgekeerd is een blogger die nieuws brengt daarom nog geen journalist. Een blogger heeft niet dezelfde verantwoordelijkheid als een journalist. Een blog is dan ook geen publieke nieuwsverlening zoals het nieuws. Een journalist hoort de actualiteit ook objectief weer te geven, terwijl een blogger subjectief mag zijn.

En toch hebben ze elkaar wel nodig. Vele bloggers baseren zich op de media van journalisten voor hun onderwerpen. Journalisten kunnen dan weer watchdogs gebruiken om hun berichtgeving accuraat te houden (Lasica, 2003).

Bronnen:

  • Gil de Zúninga, H., C Lewic, S., Willard, A., Valenzuela, S., Kook Lee, J. & Baresch, B. (2011). Blogging as a journalistic practice: A model linking perception, motivation and behavior. Journalism, 12(5), 586-606. doi:  10.1177/1464884910388230
  • Gunter, B., Campbell, V., Touri, M., & Gibson, R., (2009). Blogs, news and credibility. Aslib Proceedings, 61(2), 184-204.
  • Hermans, L. & Pleijter, A. (2010). Journalisten als bloggers. De waarde van journalistenblogs. Geraadpleegd via https://cygnus.cc.kuleuven.be/bbcswebdav/pid-14258078-dt-content-rid-28413586_2/courses/B-KUL-HMJ31a-1415/Journalism%20studies%20-%20Hermans%20en%20Pleijter.pdf
  • Singer, J.B. (2005). The political j-blogger: ‘Normalizing’ a new media form to fit old norms and practices. Journalism, 6, 173-198.

Journalistiek in een digitaal tijdperk

Vind jij het kunnen als een journalist foto’s van je persoonlijke Facebookpagina in de krant plaatst? Sommigen vinden van wel, anderen van niet. Wat wel zeker is, is dat er sinds 2012 een nieuwe journalistieke richtlijn bestaat voor het gebruik van beeldmateriaal van sociale media.

images

13 maart 2012, de avond waarop een bus met 52 inzittenden frontaal botste op een muur in de Sierre-tunnel in Zwitserland. Bij dit tragische ongeval vielen er 28 doden en 24 gewonden. Iedereen herinnert zich dit busongeval nog, net zoals iedereen zich de veelbesproken voorpagina’s van Het Laatste Nieuws en Het Nieuwsblad nog kan inbeelden. De kranten hadden namelijk persoonlijke foto’s van de kinderen gepubliceerd zonder toestemming te vragen aan de ouders. Enkele ouders waren hier niet mee opgezet en dienden een klacht in bij de Raad voor de Journalistiek. Als gevolg van deze commotie voerde de Raad een nieuwe journalistieke richtlijn in:

Het internet, meer bepaald persoonlijke websites en blogs, internetfora en sociale netwerksites, maakt het mogelijk dat persoonlijke gegevens, meningen en afbeeldingen worden gedeeld met een groot publiek. Persoonlijke websites en sociale netwerksites kunnen voor de media een bron van informatie zijn. Het feit dat iemand persoonlijke gegevens, informatie of beeldmateriaal op het internet of op een sociale netwerksite plaatst, zelfs als het om publiek toegankelijke pagina’s gaat, betekent evenwel niet automatisch dat dit materiaal zonder meer mag worden overgenomen in andere media. Om dit materiaal toch te kunnen gebruiken, moeten een aantal afwegingen worden gemaakt. – Raad voor de Journalistiek, 2012

Overname zonder toestemming van herkenbaar beeldmateriaal kan volgens de Raad enkel verantwoord worden als de berichtgeving een maatschappelijk belang heeft dat het recht van privacy overstijgt. Beelden van minderjarigen en van slachtoffers moeten extra beschermd worden. Bekende en publieke figuren moeten daarentegen wat meer kunnen verdragen. Privégegevens die door hen zelf op het internet werden geplaatst en publiek toegankelijk zijn mogen wel gebruikt worden voor de verslaggeving van kranten.

Zit jij soms met twijfels of vragen tijdens het schrijven of wil je meer weten over de codes? Raadpleeg dan hier De Code van de Raad voor de Journalistiek.

Ik wil, ik wil niet!

Toen ik enkele weken geleden een namiddagje ging paintballen maakte een vriendin van mij de opmerking: “Kim, als ik deze namiddag niet zou overleven, dan reken ik erop dat jij ervoor zorgt dat mijn foto in de krant de foto wordt met de meeste vind-ik-leuks op Facebook.” Een flauwe plezante opmerking, maar eentje die toch volledig in het thema van mijn post van vandaag past. Het maakt duidelijk dat de ene persoon er duidelijk veel minder belang aan hecht als er een foto van zijn/haar persoonlijke Facebookpagina wordt gehaald dan de andere. Door die grote meningsverschillen is het ongelofelijk moeilijk voor een journalist om een keuze te maken. Daarom vind ik dat deze richtlijn van de Raad voor de Journalistiek meer als geroepen kwam. Zo heeft een journalist altijd wat houvast bij een twijfelgeval. Ook vind ik dat regels nodig zijn om de privacy van elke burger te beschermen. Ethiek zorgt voor onafhankelijkheid, eerlijkheid en objectiviteit.

alles-wat-je-moet-weten-over-privacy-facebook

Zelf zou ik ook graag wat willen veranderen aan de huidige medianormen. In sommige gevallen vind ik deze nogal streng. Een belangrijke eigenschap van de online journalistiek is de onmiddellijkheid. Niets valt nog te controleren. Er gebeurt iets, persoon x ziet dat, meldt dat op Facebook en Twitter en de bal is aan het rollen. Door de hoge snelheid kan een journalist of eender wie zelfs het kleinste foutje niet meer rechtzetten. Ik hoop daarom t de straffen op kleine foutjes wat meevallen.

Via de sociale media kan iedereen eigenlijk journalist spelen. Sommige mensen gaan zich zodanig als journalist beschouwen dat ze ook de privacy schenden van anderen. Het probleem is dat deze hiervoor niet op het matje geroepen kunnen worden door de Raad. Zij mogen de meest spectaculaire beelden delen, ten koste van de beroepsjournalist zich wél aan de regels moet houden.

Studies over journalisten op sociale media

Ten slotte vond ik nog een studie over de impact van sociale media op het nieuws (ING, 2014).  Hierin geeft maar liefst 60% van de journalisten toe dat ze op sociale media veel minder rekening houden met de journalistieke regels van de traditionele media. 66 procent zegt zich dan ook anders te gedragen op sociale media. Wat ik dan weer erg positief vind is dat uit een ander Amerikaanse studie blijkt dat 84% van de journalisten eerder terughoudend is ten opzichte van informatie van sociale media en info van traditionele media als meer betrouwbaar beschouwt (Bates, 2010).

4

Bronnen:

Nieuws, de grootste onopgemerkte verslaving van onze tijd

“Dat is toch niet te geloven wat jullie tegenwoordig allemaal kunnen met die gsm’s en computers!” Dit zegt mijn grootmoeder elke keer als ik haar een filmpje of foto laat zien met mijn gsm of computer. Mijn grootmoeder is zoals vele andere “oudjes” nog iemand die dagelijks de krant van a tot z uitpluist en zowel naar het ochtend-, middag- als avondjournaal kijkt. Jammer genoeg hebben wij als studenten of werkende mensen daar niet altijd de tijd voor. Wij bekijken het nieuws op een hele andere manier. Via Twitter en Facebook komen we snel en in het kort te weten wat het allerlaatste en belangrijkste nieuws van het moment is. Willen we wat uitgebreide informatie, dan kijken we op de website of app van een bepaalde krant. Nieuwe media zijn in onze wereld ondenkbaar (terwijl ze in de denkwereld van mijn grootmoeder dan weer eerder een mysterie zijn…).

Social media: enkel fun of toch ook informatief?

Vijf procent van de Belgen is verslaafd aan internet. Zo blijkt uit een grootschalig onderzoek van de KU Leuven bij 1000 volwassenen in 2013. Het zijn vooral de vrouwen (60%) die kampen met een internetverslaving. Zij vertoeven het meest op sociale media zoals Facebook en Twitter. Jongeren spenderen vooral tijd aan games op het web.

Tony van Rooij, onderzoeker bij het IVO (een wetenschappelijk bureau voor verslavingsonderzoek) schreef in de Volkskrant dat de verslaving niet zo erg is. “Slechts 6 procent van de jongeren ervoer het eigen gedrag als problematisch, bijvoorbeeld als ze het lastig vinden om te stoppen, huiswerk aframmelen en gestrest worden als er geen internet is.” Het zogenaamde ‘socialbesitas’ is dus pas echt een probleem als je je eigen gedrag als problematisch bestempeld, concentratieproblemen krijgt en ’s nachts de drang hebt om het internet te checken.

Ben jij verslaafd aan sociale media? Doe hier snel de test! Mijn diagnose: 44 punten en geen reden tot bezorgdheid. Olé!!!

De verslaving en de jonge leeftijd van de gebruikers zorgen ervoor dat social media vaak negatief in het nieuws komen. Maar er zijn ook heel wat voordelen. Zo is het tegenwoordig mogelijk te solliciteren via LinkedIn (social netwerk gericht op vakmensen), Facebook of Twitter en kunnen mensen sneller en gemakkelijker contacten leggen. Ook mag de journalistieke wereld blij zijn: het nieuwsgebruik stijgt. Social media is een grote bron van informatie. Er wordt voortdurend nieuws gedeeld en mensen discussiëren volop over deze berichten. Uit onderzoek blijkt dat 62% van de tieners het nieuws volgt via deze nieuwe media. Hoe ouder ze worden, hoe meer ze het nieuws en de politiek gaan volgen.

Sta jij nog niet versteld van de populariteit van social media? Kijk dan maar eens naar dit filmpje!

High on news

Wereldwijd zijn meer dan 1,2 miljard mensen verslaafd aan roken (World Health Organization), miljoenen zijn verslaafd aan drugs, maar de grootste en meest onopgemerkte verslaving van onze tijd is nieuws! Rob Wijnberg (31) deed hier in 2013 onderzoek naar voor zijn boek ‘De nieuwsfabriek’. Tussen de 70% en 90% van de volwassen in de westerse wereld neemt dagelijks nieuws tot zich. Twee derde van deze mensen doet dat zelfs meerdere malen per dag. Online journalistiek is het populairste medium van deze nieuwsvolgers met 75%. Op de tweede plaats staat televisie (70%) en de papieren krant en magazine worden gelezen door 50 procent van de ondervraagden. Ook jongeren volgen dagelijks het nieuws. In Duitsland ligt de dagelijkse nieuwsconsumptie van jongeren tussen de zestien en 24 jaar oud het hoogst met 83 procent. Nieuwssites behoren na zoekmachines zoals Google en sociale media tot de meest bezochte pagina’s op het web.

670px-Curb-Your-Addiction-to-News-Step-3

De resultaten die in het boek ‘De nieuwsfabriek’ verschenen zijn voor mij helemaal geen verrassing. Nieuws is namelijk overal en non-stop. Heb jij ooit al eens geprobeerd om een week lang geen nieuws binnen te krijgen? Dat is gewoonweg onmogelijk!

Nieuws is in die zin net als God: als het niet bestond, zou het onmiddellijk worden uitgevonden. Eerst in de oervorm van onderling geroddel, en later in steeds professionelere vorm, als een permanente stroom informatie. Zonder nieuws geen blik op de wereld, en zonder blik op de wereld geen politiek, geen bestuur, geen publiek debat, geen democratie, geen vrijheid, kortom, geen samenleving. – Rob Wijnberg, auteur ‘De nieuwsfabriek’

Buzzfeed

Door het ongelooflijk grote aanbod van nieuws bestaan er verschillende manieren om de actualiteit te volgen. Met de opkomst van nieuwe media zijn deze mogelijkheden nog wat toegenomen. De ene is al wat serieuzer dan de andere. Zelf moet ik bekennen dat ik toch wel een beetje fan ben van Buzzfeed. Deze website wordt door vele journalisten de grond in geboord, maar ik vind dat ze het “nieuws” op een leuke manier brengen. Met hun luchtige en grappige berichten spreken ze mensen aan die anders nooit het serieuze nieuws zouden lezen. Zo werken ze met heel veel beeldmateriaal (foto’s, filmpjes, tweets), wat ervoor zorgt dat lezers heel snel en zonder veel moeite op de hoogte zijn van de nieuwsfeiten. Doordat ze via sociale media werken kunnen ze een nog groter publiek bereiken, waaronder ook de jeugd. Volgens mij zijn tieners tegenwoordig veel meer op de hoogte van de actualiteit dan de generatie van onze ouders in hun kindertijd. Via Facebook komen we, of we dat nu willen of niet, sowieso te weten wat de belangrijkste nieuwsgebeurtenissen van de dag zijn.

BuzzFeed

C4 voor alle journalisten?

De opkomst van nieuwe media heeft een bijzonder grote impact gehad op de journalistiek. Mijn grootmoeder volgt de actualiteit nog via de traditionele media, maar met de opkomst van de sociale media is er een nieuwe informatiestroom ontstaan die veel sneller, groter en toegankelijker is dan ooit. Opeens ontstaat de vraag of journalisten nog wel nodig zijn als al het nieuws ook te vinden is op Twitter en Facebook. Ja, journalisten zijn nodig om zich verder te verdiepen en de feiten te analyseren. Bovendien zijn er nog steeds heel wat mensen die, zoals onder andere mijn grootmoeder, geen gebruik maken van de nieuwe media. Dus ja, wij als studenten journalistiek hebben toch nog een toekomst.

Bronnen:

Nieuwe media, iets nieuws voor mij

Hoi iedereen! Ik ben Kim Vanderbemden, 22 jaar, afkomstig uit Sint-Truiden en studeer journalistiek aan de KUL Campus Brussel. Ik start deze blog voor het vak ‘Nieuwe media en mediaconvergentie’.  De bedoeling hiervan is om zelf meer te weten te komen over nieuwe media en deze kennis te verspreiden naar alle geïnteresseerden. Het voordeel van een blog is dat ik hierin wel eens subjectief uit de hoek mag komen en af en toe mijn eigen mening mag verspreiden. Wel, al meteen mijn eerste bekentenis: een blog schrijven heeft me nooit wat gezegd. Maar wie weet? Misschien had ik het helemaal mis en ontdek ik nu de mooie wereld van de blog! Ik heb alvast veel zin in deze nieuwe en creatieve uitdaging en hoop iets leuks van te maken!